School en Riagg erkennen eindelijk de ernst van het dwarse gedrag

In de vorige blog schreef ik over een gebeurtenis op school, waarin mijn zoon de hoofdrol had. Hij had uit het niets een klasgenootje een klap uitgedeeld en geplaagd. De directeur had me daar een brief over geschreven, waarvan ik erg overstuur was. 

Dwars gedrag kan niet langer zo doorgaan

Een dag na ontvangst, neem ik de brief mee naar de kinderpsycholoog van de Riagg in Amstelveen. Omdat het hele verhaal al op papier staat, hoef ik niet woordelijk uit te leggen hoe kritiek mijn situatie is. Ook toon ik hiermee de noodkreet van school: de directie trekt het onacceptabele gedrag van Max niet langer. Door mijn tranen kom ik niet meer uit mijn woorden. Ik laat de psychologe en de maatschappelijk werkster de brief zelf lezen. Langzaamaan word ik weer wat rustiger en lukt het me om een en ander nog toe te lichten. Aan hun reactie is duidelijk te merken dat ze me zeer serieus nemen. Dit kan niet langer zo doorgaan. Er moet iets gebeuren.

Het gaat niet goed met mijn kind

Ik vertel hen dat het sinds anderhalve maand niet alleen thuis snel bergafwaarts gaat met Max, maar ook op school. Hij klaagt elke ochtend voor het naar school gaan over pijn in zijn buik en hij verzet zich hevig tegen het naar school gaan. Wanneer ik Max ’s ochtends naar zijn klas breng, schreeuwt hij moord en brand. Hij wil niet blijven. Hij schreeuwt dat ik hem niet alleen mag laten. Ik krijg soms hulp van anderen die Max dan van me los moeten maken. Ze houden hem dan vast, zodat ik weg kan gaan. Als alle ouders allang naar huis zijn, loop ik met de tranen in mijn ogen het schoolplein op en hoor hem nog steeds ‘Mamaaaa!!!’ schreeuwen. 

Druk kind in de klas

Soms belt de juf me drie minuten later op om me te vertellen dat Max rustig is geworden en hij in de kring zit tussen de andere kinderen. Dat lucht enigszins op. Tijdens het overblijven tussen de middag, maakt hij het de oppasmoeders geregeld moeilijk door weg te lopen van school. Behalve het ongehoorzaam zijn en het niet willen meedoen met de andere kinderen, wil Max niet luisteren en lapt hij het gezag volkomen aan zijn laars. Hij schopt en stompt zijn juf. Ik kom er zelfs achter hij haar eens een bloedlip heeft geslagen. Ze had niet verwacht dat zijn schijnbeweging uiteindelijk zou aankomen.

Eindelijk actie: verder onderzoek naar ADHD

De maatschappelijk werker belooft met spoed een afspraak te regelen voor een observatie door een kinderpsychiater. Eindelijk is Max’ dwarse en opstandige gedrag aanleiding voor verder onderzoek naar een diagnose, zoals ADHD. Helaas heeft de psychiater die verbonden is aan de Riagg Amstelveen tijdens een skivakantie haar been gebroken en moeten we wachten op een psychiater uit Haarlem. Dus ik moet misschien even geduld hebben. Maar na deze observatie zal er een geschikte en doelgerichte beslissing genomen kunnen worden over een eventueel behandelplan voor Max. Actie!

Gesprek na gebeurtenis op school

Tussendoor is er eerst nog het gesprek met de directeur van school. Het is dinsdag 28 februari, de dag na de vakantie. De intern begeleider en de juf bij wie de gebeurtenis heeft plaatsgevonden, zijn ook aanwezig. Met mij gaat Jeanine mee, een collega van mijn werk, met wie ik goed kan opschieten. De directeur zit het gesprek voor. Hij oogt zenuwachtig. Alsof hij zich heeft voorbereid op een heel boze moeder en er tegenop ziet een gesprek met haar te hebben, waarin hij moet gaan mededelen dat haar kind niet meer welkom is op zijn school. Maar die moeder ben ik. En ik ben niet boos. Ik wil een oplossing voor mijn kind. Ik wil de allerbeste oplossing en wel zo snel mogelijk. Die oplossing kan alleen worden gevonden als volwassenen open kaart spelen en verstandig met elkaar overleggen. 

Het is te veel voor de juf

Iedere partij doet zijn verhaal. Ook de betrokken juf. Ze is aangeslagen. Ik weet van haar - zo heeft ze me eens toevertrouwd - dat ze zichzelf niet meer geschikt vindt voor het lesgeven aan kleuters. Haar geduld raakt sneller op en ze heeft geen zin meer om nog lang fulltime door te gaan in de groep waar ze nu les geeft. Ik heb met haar te doen, omdat ik weet dat ze ondanks alles gesteld is op Max, een druk kind in de klas. Maar ik vraag me ook af of het goed is dat ze zo emotioneel betrokken is met de kinderen. Als je het mij vraagt, houdt ze het zo niet lang meer vol. 

De belangrijkste afspraak: elkaar goed op de hoogte houden

We praten over mijn kind, Max, van amper vijf jaar oud, maar de strekking van het gesprek doet vermoeden dat het over een kind in de puberteit gaat op een middelbare school. Ik leg uit dat ik met de Riagg in gesprek ben over Max. En dat hij op een wachtlijst staat voor verschillende onderzoeken. Misschien wordt hij zelfs opgenomen, om uit te zoeken wat de oorzaak is van zijn drukke, dwarse en opstandige gedrag. Aan het eind van het gesprek spreken we af dat ik de school op de hoogte houdt van de ontwikkelingen bij de Riagg. 

Mijn handreiking richting school

Ondertussen beloof ik de directeur ook dat ik Max van de overblijf haal. Ik kom tussen de middag van mijn werk naar huis en eet thuis met Max een boterham. De verantwoording van de overblijfmoeders heeft namelijk de grens bereikt. Zij hebben aangegeven niet meer inzetbaar te willen zijn voor de middagopvang als Max er ook is. Op deze manier neem ik mijn verantwoordelijkheid en los ik dit meteen op voor school. Gelukkig begrijpt mijn leidinggevende op mijn werk de ernst van de situatie en stemt toe met mijn tijdelijke afwezigheid tussen de middag. Ik fiets vanaf dat moment elke ochtend om 11.15 uur van mijn werk naar school om hem op te halen, eet thuis met Max een boterhammetje, en breng hem om 13.00 uur weer terug naar de klas. Vervolgens fiets ik weer terug naar mijn werk. Het is zwaar, maar het is zoals het is. Ondanks alles zie ik elke dag als een cadeautje.

Dit wil ik delen met jou

Het is een opluchting om eindelijk, na lang twijfelen en zoeken, erkenning en herkenning te krijgen voor de vragen en vermoedens die ik had. De brief van de directeur, op wie ik in de eerste plaats erg kwaad was, heeft me in die zin ook geholpen om de vicieuze cirkel te doorbreken waarin ik zat. 

De psycholoog overtuigen

Het was niet de meest slimme keuze van de schooldirecteur om mij via een brief te informeren, maar het hielp mij daarna wel dat zaken zwart op wit stonden. Ik schrijf zelf ook vaak nog dingen op. Dan kun je er op een later moment nog eens wat dieper over nadenken of op een andere manier naar kijken. De brief hielp mij uiteindelijk om meer te vertellen over het gedrag van mijn zoon en de invloed daarvan op mij en de school. De psychologe en de maatschappelijk werkster waren meteen overtuigd. 

Professionele hulp schept een kader

Dat je in ‘de medische molen’ zit schept voor school, voor anderen in je omgeving en ook voor jezelf een belangrijk kader. Het geeft aan dat jij als ouder ook betrokken bent en werk maakt van de situatie van je kind. Je kunt ook meteen aan anderen uitleggen dat je een stoornis vermoedt en daar professionele hulp bij krijgt. Voor school zijn dit goede signalen om ook samen naar oplossingen toe te werken. Hoe zeer je kind ook opstandig en dwars is of onacceptabel gedrag vertoont. Wanneer jij helemaal niets zou ondernemen, is de kans dat je in gesprekken met school en je omgeving blijft hangen in “ja, maar”. Nu is het “ja, en”. 

Eindelijk! Het lijkt erop dat de vicieuze cirkel in de zoektocht naar wat er met je kind aan de hand is wordt doorbroken.

Herken jij jezelf of je kind in dit verhaal? En wil je jouw ervaring delen met andere ouders of wil je zelf tips krijgen? Meld je aan bij ons Ouderportaal. Het Ouderportaal is de plek waar ouders met een kind met gedragsproblemen of stoornis elkaar vinden voor steun en advies. Misschien zie ik je daar?