Mijn kind met autisme eet slecht: wat kan ik doen?
23 februari 2021 
6 min. leestijd

Mijn kind met autisme eet slecht: wat kan ik doen?

Vind je dat je kind met autisme slecht eet? Het komt vaker voor dat kinderen met autisme niet de gemakkelijkste eters zijn. Geuren, geluiden en structuren kunnen autistische kinderen beïnvloeden om iets wel of niet te eten. De een wil bijvoorbeeld alleen zacht eten, de ander liever harde producten. Krijgt je kind wel voldoende voedingsstoffen binnen? En hoe kun je je kind leren om meer gevarieerd te eten? Twee ervaren ouders geven tips.

Voorkeur voor hard eten

Blijf altijd vertrouwen hebben, is het belangrijkste advies van moeder Saida (47). Haar zoon Nuri van 7 jaar oud heeft klassiek autisme. Hij heeft van jongs af aan een voorkeur voor hard eten, het liefst rauw. “Hij wilde ook altijd graag ‘heel’ voedsel. Dus ik mocht bijvoorbeeld ook niks doormidden snijden. Daarnaast mocht het niet met elkaar in aanraking komen, maar moest alles een apart vakje hebben. Hij heeft non-verbaal klassiek autisme, dus ik merkte het in het begin alleen doordat hij geluiden maakte, eten wegduwde of ging huilen.”

‘Kinderen met autisme eten wat ze nodig hebben’

Het eten moest voor Nuri herkenbaar zijn. “Tot zijn vierde wilde hij echt geen gekookt eten. Het moest rauw zijn. Hij at bijvoorbeeld wortels, selderij en noten. Het was heel moeilijk, je denkt inderdaad, misschien mist hij straks iets. Maar ik sprak toentertijd een professional en die zei dat ik vertrouwen moest hebben. Dat kinderen echt wel gaan eten wat ze nodig hebben. Hij at bijvoorbeeld geen vlees en dronk geen melk, maar wilde wel noten en peulvruchten.”

Geduld is heel belangrijk

“Op een gegeven moment merkte ik ook dat hij soms andere levensmiddelen toeliet. Waar hij de ene dag dol op was, bijvoorbeeld bananen, hoefde hij opeens niet meer en dan wilde hij wat anders. Vertrouwen hebben in dat het goed komt, bleek ook echt waar. Ik was soms al heel gestrest om iets op tafel te zetten en hoe zijn reactie zou zijn, maar dat merkt een kind ook. Daarbij, je moet het ook echt niet persoonlijk opvatten. Ik zag hoeveel moeite het hem kostte om iets nieuws te proeven. Het is geen onwil. Het is voor hen ook een enorme strijd. Geduld is zo belangrijk.”

Vervang geen voedingsmiddelen

Daarnaast is het volgens Saida erg belangrijk om bepaalde voedingsmiddelen niet te vervangen door producten die misschien makkelijker door de maag gaan, zoals snoep of koek. “Nuri heeft qua zoetigheden alleen maar fruit en bijvoorbeeld rozijntjes gegeten. Je moet niet denken, oh vanavond heeft hij niks gegeten, ik geef iets anders, dat eigenlijk geen voedingswaarde heeft. Sommige ouders klagen dat hun kind niets eet, terwijl ze dan soms net al een hele doos chocolade op hebben. Dan snap ik het wel, dat kind is al verzadigd.”

Laat je kind meekijken tijdens het koken

Rond zijn vierde wilde Nuri opeens ook pasta proberen en inmiddels heeft hij sinds z’n zevende ook een stukje vlees geprobeerd. “Ik betrek hem altijd bij het koken, al van jongs af aan, dan laat ik hem zien wat ik allemaal doe. Dat eten ‘stukgaat’ tijdens het koken en hoe dat eruitziet.

Ook tijdens het boodschappen doen, betrek ik hem erbij en leg ik uit wat het allemaal is. Op een gegeven moment nam hij ook een hap uit een aardappel en een ui, maar hij snapte al wel snel dat dat rauw echt niet lekker is.”

Loslaten wat ‘normaal’ is

Volgens Saida is het met een kind met autisme belangrijk om niet aan traditionele rollenpatronen te denken, zoals ’s avonds warm eten en ’s middags boterhammen. “Brood wil hij nog steeds niet hebben, het moet hard zijn, dus dan eet hij crackers. Het hoeft ook niet van mij. Geef ze vertrouwen. Ga geen strijd aan. Wil een kind niet meer eten, haal het dan weg.

Uiteindelijk gaat je kind wel eten, mits je geen ongezonde vervangende producten aanbiedt. Hij of zij gaat echt niet dood van de honger. En benader professionals als je vragen hebt. Houd bijvoorbeeld wel in de gaten of je kind ergens last van heeft, zoals buikpijn na het eten of maagzuur. Het kan soms ook een onderliggende oorzaak hebben. Maar bij Nuri is alles goed, hij heeft ook nergens een tekort aan, dus nogmaals, vertrouw erop dat je kind echt wel eet als hij of zij dat nodig heeft.”

Zo zacht mogelijk eten

Ook Marije (41) haar zoon Noa (9), MCDD, heeft zijn eigen eetgewoontes. In tegenstelling tot Nuri moet bij hem alles juist zo zacht mogelijk zijn. “Omdat ik in de zorg heb gewerkt, kwam ik er al snel achter dat bepaald eten een bepaald gevoel bij hem veroorzaakte. Noa heeft altijd gehouden van het gevoel dat zijn mond vol zit en hij let heel erg op structuur. Alles moet bij hem juist zo zacht mogelijk zijn. In de broccolisoep had ik bijvoorbeeld laatst nog een paar draden zitten, dat merkt hij dan gelijk. Ik heb het toen nog een aantal keer gepureerd en dan is het weer goed, maar wij moesten er ook achterkomen dat structuur heel belangrijk is,” vertelt ze.

Accepteer dat een kind met autisme anders eet

Ook zij deelt de mening dat je moet accepteren dat een kind net iets anders eet dan als ‘traditioneel’ wordt gezien. En dat je natuurlijk eten niet moet vervangen door bewerkt voedsel.  “Een kind krijgt vanzelf honger. Een kinderlijf wil voeding. En wat maakt het uit hoe je het geeft? Ik moet bijvoorbeeld tussen saus en andere ingrediënten altijd een dammetje bouwen. Je moet het idee van ‘zo moet je eten’ loslaten als ouder.

En praat erover. Noa vertelt bijvoorbeeld of iets prettig in zijn mond voelt of niet. Soms koken we ook samen. Dit doe ik om het gesprek over eten open en neutraal te houden. Laatst zei hij ‘Dit hebben we samen bedacht, maar dit is toch niet zo geslaagd’.”

‘Wij gaan niet continu de strijd aan’

“Zijn vader is chefkok geweest, dus we zijn altijd wel bezig met eten. We hebben uiteindelijk een manier gevonden om structuren aan te passen op de manier die Noa fijn in zijn mond vindt voelen. Hij houdt bijvoorbeeld ook erg van gladde structuren, hij eet graag pasta. Dat vindt hij lekkerder dan rijst of aardappelen. Dat kan hij lekker naar binnen zuigen en zo kreeg hij ook zijn groenten binnen. Omdat hij nu weer naar school gaat na de lockdown, hebben we bijvoorbeeld al bedacht dat we misschien beter een aantal dagen achter elkaar pasta kunnen eten. Dan eet je zelf ook natuurlijk dagen achter elkaar pasta, maar voor hem is dat even relaxt, want hij heeft nu al zoveel nieuwe dingen aan zijn hoofd. Wij gaan niet continu de strijd aan.”

Experimenteer met structuren

Ook kan het pureren volgens Marije helpen om smaken te leren kennen en herkennen. “In het begin pureerden we bijvoorbeeld vaak courgette door onze zelfgemaakte pastasaus. Maar toen ik een keer courgette opperde wilde hij het niet, omdat hij dacht dat hij het niet zou lusten. Ik zei, dit heb je juist al heel vaak gegeten. Experimenteer met structuren. Als je bijvoorbeeld groenten zoals spinazie of boerenkool grilt of er chipjes van maakt, is het ook weer heel anders en juist knapperig. Zo leert je kind in ieder geval wel de smaken kennen.”

Meer tips? Het boek Autisme en Eetproblemen

Heb je behoefte aan meer tips? Raadpleeg dan ook eens het boek Autisme en Eetproblemen van Thomas Fondelli. In het boek wordt aandacht besteed aan hoe eetproblemen kunnen ontstaan bij mensen met autisme, die weinig of nauwelijks gevarieerd eten. Ook worden er extra tips gegeven om mensen met autisme in dit proces te helpen.

Gerelateerde informatie

In de kennisbank van Ouderpeilpunt vind je honderden blogs met handige tips en adviezen. Heb je deze blogs al gelezen:

Wil je sparren over autisme?

Heb je zelf een tip? Deel ‘m in het Ouderportaal. Hier praten ouders met elkaar over opvoeden, autisme, ADHD en onderwijs. Nog geen lid? Maak gratis je account aan, invullen duurt slechts 2 minuten.

Naar het Ouderportaal

Over de schrijver
Natascha Frensch is freelance journalist en tekstschrijver. Voor het Ouderpeilpunt interviewt ze graag ouders over hun tips en struikelpunten. Naast het Ouderpeilpunt vind je haar verhalen ook terug in andere media. Met haar verhalen hoopt ze hulp, herkenning en handvatten te bieden.
Reactie plaatsen
arrow_drop_up arrow_drop_down